gebouw-smeets-gijbels

Update verkorting van de wettelijke duur van de partneralimentatie

Publicatiedatum: 23 juni 2015

Auteur: mr. Caroliene Mellema

Op grond van de huidige wetgeving kan in geval van scheiding een alimentatiegerechtigde ex-echtgenoot aanspraak maken op een bijdrage in zijn/haar kosten van levensonderhoud gedurende maximaal 12 jaar na echtscheiding.(1) 

Deze wettelijke alimentatieregeling is de afgelopen jaren niet onbesproken gebleven. In de praktijk krijgen wij vaak de vraag of de wettelijke alimentatieduur op korte termijn gewijzigd zal gaan worden. Hieronder zal nader worden ingegaan op de huidige stand van zaken en de te verwachten toekomstige ontwikkelingen.

Politieke ontwikkelingen

De 12-jaarstermijn zoals neergelegd in de huidige wettelijke alimentatieregeling stamt uit 1994. Tot 1 juli 1994 kon de verplichting tot het betalen van de partneralimentatie levenslang zijn. De VVD, PvdA en D66 willen nu de regeling voor partneralimentatie verder versoberen. De drie partijen hebben hiertoe op 20 juni 2012 een initiatiefnota bij de Tweede Kamer ingediend.(2) Inmiddels is op 19 juni 2015 het wetsvoorstel ‘Wet herziening partneralimentatie’ ter consultatie aan de Raad van State toegezonden.(3) Partijen verwachten het wetsvoorstel in het najaar bij de Tweede Kamer in te kunnen dienen. 

Het wetsvoorstel beoogt zowel de duur als de hoogte van de partneralimentatie te beperken. Aangezien het wetsvoorstel door bovenstaande drie grote partijen wordt gedragen, wordt verwacht dat het wetsvoorstel de steun van de meerderheid van de Tweede Kamer zal halen (wat overigens niet aan verdere wijzigingen van het voorstel in de weg staat). Het zou dus goed kunnen dat er binnen afzienbare tijd een wetswijziging komt waarmee de duur van de partneralimentatie wordt ingekort. Maar wat valt te verwachten van een eventuele wetswijziging? Hierna zal ik kort in gaan op de gevolgen voor de duur van de partneralimentatie.(4) 

Grondslag alimentatie

Uitgangspunten initiatiefnota
Op grond van de huidige wettelijke alimentatieregeling is de rechtsgrond voor het opleggen van partneralimentatie de door het huwelijk ontstane lotsverbondenheid. De nieuwe grondslag voor partneralimentatie zou volgens de initiatiefnota ‘compensatie voor de gedurende het huwelijk ontstane verlies aan verdiencapaciteit’ moeten zijn. De alimentatie strekt dus in dit geval ter compensatie voor de tijd dat een van de partners niet of minder aan de carrière heeft besteed. De initiatiefnemers kiezen ervoor de duur van 5 jaar als uitgangspunt te nemen.

Op bovenstaande maximum duur is volgens de indieners van de initiatiefnota  een uitzondering wenselijk. Er zijn nog steeds huwelijken waarbij de ene partner jarenlang de zorg- en verzorgingstaken op zich heeft genomen, om de andere partner in staat te stellen in het inkomen te voorzien. In deze huwelijken is een maximumduur van 5 jaar onredelijk als het huwelijk langer heeft geduurd dan 15 jaar. Na zo’n lange periode van inactiviteit is terugkeer in het arbeidsproces binnen vijf jaar naar verwachting zeer moeilijk en hierbij begint ook de leeftijd mee te tellen. Bij een huwelijk langer dan 15 jaar waarbij de ontvangende partner niet heeft gewerkt vinden de indieners van de initiatiefnota het redelijk de alimentatieduur gelijk te stellen aan de duur van huwelijk met een maximum van 10 jaar.

Wetsvoorstel
Bovenstaande uitgangspunten hebben partijen vorm proberen te gegeven in het wetsvoorstel ‘Wet herziening partneralimentatie’. Conform dit wetsvoorstel bestaat bij huwelijken zonder kinderen - die korter duren dan drie jaar - geen verplichting tot partneralimentatie. Bij huwelijken die langer hebben geduurd dan drie jaar geldt dat partneralimentatie in beginsel verschuldigd kan zijn voor de duur van de helft van het huwelijk met een maximum van vijf jaar. 

Op bovenstaande hoofdregel worden de nodige uitzonderingen gemaakt. Zo heeft de situatie waarbij een huwelijk langer dan 15 jaar heeft geduurd en waarbij de echtscheiding binnen tien jaar voor de pensioengerechtigde leeftijd plaatsvindt als uitzonderingssituatie te gelden. Ook voor huwelijken met kinderen waarbij het jongste kind de leeftijd van 12 jaar nog niet heeft bereikt wordt een uitzondering gemaakt.

Voor de onderhoudsplichtige wordt een uitzondering gemaakt wanneer deze de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. 

Voorts biedt het wetsvoorstel de mogelijkheid om reeds bij huwelijkse voorwaarden vast te leggen of en zo ja tot welk bedrag na echtscheiding de ene echtgenoot tegenover de andere echtgenoot tot een uitkering tot diens levensonderhoud zal zijn gehouden. Daarnaast zal het krijgen van een nieuwe partner niet langer van invloed zijn op de duur van de alimentatie.

Overgangsrecht

In artikel V van het wetsvoorstel is een overgangsrechtelijke regeling opgenomen. Conform deze overgangsrechtelijke regeling dient een uitzondering te worden gemaakt voor reeds bestaande alimentatieverplichtingen alsmede voor de gevallen waarbij het verzoek tot vaststelling dan wel wijziging van een uitkering tot levensonderhoud is ingediend vóór het inwerking treden van deze wet. Er is dus sprake van een overgangsrechtelijke bepaling met eerbiedigende werking.

Conclusie

Bovenstaande geeft een korte uiteenzetting van de huidige stand van zaken met betrekking tot een eventuele beperking van de alimentatieduur. Zoals aangegeven verwachten partijen het wetsvoorstel in het najaar bij de Tweede Kamer in te kunnen dienen zodat deze naar verwachting over een jaar van kracht zal zijn. Gezien het aantal gerezen vraagtekens over de praktische haalbaarheid van dit voorstel, valt dit te bezien. Uiteraard houden wij u op de hoogte van verdere ontwikkelingen op dit gebied. 

Noot

  1. Bij huwelijken waaruit kinderen zijn geboren, of bij een huwelijk van 5 jaar en langer. Bij zogenaamde kinderloze huwelijken en huwelijken die korter dan 5 jaar hebben geduurd wordt deze termijn gelijk gesteld aan de duur van het huwelijk.

  2. Kamerstukken II vergaderjaar 2011-2012, 33 312, nr. 2, Initiatiefnota Partneralimentatie van de leden Van der Steur (VVD), Recourt (PvdA) en Berndsen (D66).

  3. Kamerstukken II vergaderjaar 2014-2015, 34 231, nr. 2, Voorstel van wet van de leden Van Oosten, Recourt en Berndsen-Jansen tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en van enige andere wetten in verband met de herziening van het stelsel van partneralimentatie (Wet herziening partneralimentatie).

  4. De overige wijzigingen, zoals de wijzigingen in de berekening van de partneralimentatie, laat ik hier onbesproken voor verdere informatie verwijs ik naar de initiatiefnota van Van der Steur, Recourt en Berndsen, alsmede het wetsvoorstel van Van Oosten, Recourt en Berndsen-Jansen.

  5. De verplichting eindigt niet eerder dan op het tijdstip waarop de pensioengerechtigde leeftijd wordt bereikt.

  6. De verplichting eindigt dan op het tijdstip waarop de kinderen van de echtgenoten de leeftijd van twaalf hebben bereikt.

  7. De verplichting eindigt van rechtswege op het tijdstip waarop de onderhoudsplichtige de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt.

  8. Zo’n bepaling is conform de huidige wettelijke regeling nietig.

       

SmeetsGijbels Amsterdam

Postbus 78067
1070 LP Amsterdam
Jacob Obrechtstraat 70
1071 KP Amsterdam
T +31 (0)20 574 77 22
F +31 (0)20 574 77 33
info@smeetsgijbels.com

SmeetsGijbels Rotterdam

Postbus 1629
3000 BP Rotterdam
Westersingel 84
3015 LC Rotterdam
T +31 (0)10 266 66 66
F +31 (0)10 266 66 55
E info@smeetsgijbels.com

logo fas
logo voh
logo iafl
logo mfi
logo kidsrights